JUDITH MAJOOR, SCHILDERES
‘Op school vonden ze allemaal dat ik goed was in gek doen en goed kon tekenen. Dus wilde ik clown worden, of kunstschilder. Maar toen kwam er niets van dat alles, er waren andere prioriteiten. Nadat ik mijn loopbaan als film producent definitief had afgesloten ging ik kunstgeschiedenis studeren. En het onvermijdelijke gebeurde, halverwege de studie kwam ik tot de conclusie dat ik het “kunst schilderen” zelf toch een stuk leuker vond dan het getheoretiseer erover. Ik moest nu eindelijk maar eens gaan uitzoeken of mijn enthousiasme voor de schilderkunst wel in overeenstemming was met mijn talent. Kon ik het echt of was het alleen maar een steeds maar uitgestelde jonge meisjes droom? En ik nam les bij de bekende Amsterdamse kunstschilder Robert Webster. Om te beginnen leerde “meester Webster” mij dat schilderen met olieverf geen romantische bezigheid is, maar vooral een ambacht dat je grondig moet leren beheersen. Eerst is er de worsteling met het materiaal, de kneepjes van het vak, en daarna komt pas de artistieke bezieling. Ook hier geldt het oeroude “90% transpiratie en 10% inspiratie”.
Nu ben ik kunstschilder. Althans, ik maak schilderijen. Veel en vaak. Ik schilder met grote hartstocht alles wat mij boeit, wat ik mooi vind of waar een goed verhaal achter zit. Portretten van mensen waar ik van hou, kinderen, kleinkinderen, soms portretten in opdracht, stillevens, landschappen, poezen, ezels, huizen van binnen en buiten, taferelen. En vooral dingen die gek zijn, bizar,vreemd, raar humoristisch of spannend.